‘Ik wil alles altijd goed doen’

‘Ik wil alles altijd goed doen’

Geplaatst in: Uncategorized | 0

Elke week houden wij een stadgenoot een spiegel voor. Vandaag de Dordtse ondernemer Arien van Pelt, eigenaar van vier kapperszaken en twee onderwijsleerbedrijven.
Door Chantal Blommers – Algemeen Dagblad Dordrecht – 5 juli 2017

 

Wat ziet u als u in de spiegel kijkt?
Lachend: ,,Meestal een klant. Als kapper ben ik eraan gewend om met mensen te communiceren via de spiegel. Als ik naar mezelf kijk, zie ik iemand die alles probeert goed te doen. Of dat altijd lukt, is natuurlijk een tweede.”

U zette zich in voor het Ondernemersfonds in de binnenstad en komt nu op voor winkeliers in Sterrenburg die geen verplichte koopzondag willen. Altijd haantje de voorste geweest?
,,Dat heb ik van huis uit meegekregen: ik ben opgevoed met verenigingen, heb me daar altijd voor ingezet. Daarnaast kan ik niet zo goed tegen onrecht. Als er zestig winkeliers in een straat zitten en maar tien willen meebetalen aan activiteiten terwijl iedereen ervan profiteert, dan baal ik daarvan.”

Toen u Van Pelt Kappers overnam, trad u in de voetsporen van uw vader. Was dat altijd het plan?
,,Helemaal niet. Ik was fulltime actief als dj en mijn leven bestond uit uitgaan, feesten, zuipen. Met een hele ploeg struinden we de feestjes af. Mijn ouders waren daar natuurlijk niet heel blij mee, ze dachten: dat komt nooit goed. Het was natuurlijk ook mijn manier om me af te zetten. Toen op mijn 23ste mijn vader zei dat hij langzaam zijn werkzaamheden wilde afbouwen, heb ik het roer omgegooid. Mijn broer Leendert – die tien jaar jonger is – zat trouwens bij de marine en is tien jaar nadat ik begon ook het kappersvak ingegaan, dat was ook een behoorlijk onvoorspelbare stap.”

Ik kan niet zo goed tegen onrecht

Als u met de familie bij elkaar bent, gaat het zeker alleen maar over knippen?

,,Ha, ja dat is wel een risico. Vooral omdat mijn vader, die inmiddels 92 is, en mijn moeder nog steeds geregeld bij Van Pelt over de vloer komen. Mijn moeder heeft de regel ingesteld dat we het bij mijn ouders niet over de zaak mogen hebben en daar houden we ons goed aan, hoor. Maar het was dus wel nodig om die regel in te stellen, anders gaat het natuurlijk over niks anders.”

Wat vindt u het leukst aan uw vak?
,,Het knippen zelf. Dat had ik nooit verwacht, ik ben zelfs de kappersopleiding gaan doen omdat ik vind dat je natuurlijk moet kunnen knippen als je een kapperszaak hebt. Maar naast het runnen van het bedrijf, vind ik heerlijk om zo’n anderhalve dag per week klanten te knippen. Met ondernemen ben je nooit klaar – er is altijd nog iets te doen. Dat vind ik zo fijn aan knippen – dan maak je iets af. Het sociale aspect van het kappersvak vind ik ook mooi: bij Van Pelt plannen we de afspraken bewust ruim in: praten is onderdeel van ons werk. Ik geef mijn kennis ook graag door: daarom heb ik ook twee onderwijsleerbedrijven die ik samen met het Da Vinci College run.”

U werkt ook nog altijd als dj.
,,Ja, maar dat is toch meer een hobby geworden. Ik kies nu zelf uit waar ik wil draaien, zo stond ik pas op Wantijpop. Toen ik begon, werd me een baan aangeboden bij de Fame. Dat was in de tijd van onder meer Lucien Foort, toen meer Dordtse dj’s furore maakten in het land. Ik draaide er 4, 5 dagen in de week. Ik ben trouwens altijd in Dordrecht gebleven.”

Waarom eigenlijk?
,,Geen idee, ik ben geloof ik nogal honkvast. Dordrecht heeft alles wat mij betreft: het is een stad, maar niet te groot. Ik ken hier veel mensen, heb me hier altijd thuis gevoeld. Het is een beetje ons kent ons; dat vinden sommige mensen misschien heel beklemmend, maar ik niet. Eigenlijk heb ik gewoon nooit de behoefte gehad om hier weg te gaan, waarom zou ik ook? Dordrecht wordt steeds leuker.”

Dordrecht heeft alles wat mij betreft: het is een stad, maar niet te groot

Hoe bent u opgegroeid?
,,Ik ben opgegroeid op een ark, op de Kop van het Land. Dat was fantastisch, ik had een eigen bootje en was heel vrij. De ark – die trouwens wel op het droge stond – was eerst het buitenhuis van mijn ouders maar ze zijn er op een gegeven moment permanent gaan wonen. Er was veel drukte, vooral in de zomer kwamen er altijd mensen langs.

,,Toch kon het ook wel eenzaam zijn, ik had er weinig vriendjes in de buurt. Ik vond het fantastisch toen ik op mijn 10de ‘grote broer’ werd. Het leeftijdsverschil was wel groot; daar merk je nu niets meer van, maar in de puberteit wel. Ik moest geregeld oppassen, maar dat betekende meestal dat ik mijn broertje mee op sleeptouw nam naar feestjes waar ik als dj kwam. Onze band is nog steeds goed, ook nu we samenwerken in de zaak. We kunnen allebei ons eigen ding doen, zitten elkaar niet in de weg en vertrouwen elkaar.”

Wat zijn uw ambities met Van Pelt?
,,Moeilijke vraag: het enige dat ik kan bedenken is dat ik wil dat we nóg meer een begrip worden in de stad. Er is nog genoeg groeipotentieel, we kunnen onze formule nog sterker maken. Mijn broer zegt altijd: we willen het gewone, ongewoon goed doen. Mooi hè? Aan die uitspraak denk ik vaak. Ik wil dat de zaak succesvol is, maar ik wil ook een goede werkgever zijn voor mijn werknemers en ik wil dat de balans werk/thuis goed is. Wat dat betreft ben ik ook echt een familieman: ik heb graag dat de hele boel bij elkaar is.”

Hoe heeft u uw vrouw eigenlijk ontmoet?
,,Op de Kappersacademie in Rotterdam. Ze zag mij totaal niet staan, ze vond me niet interessant. Tot een ander meisje ineens interesse in mij toonde, toen wilde ze toch wel met mij uit. Dat is inmiddels alweer 24 jaar geleden. Nu zijn we getrouwd en hebben we twee prachtige dochters.”

Zijn uw dochters geïnteresseerd in het kappersvak?
,,Mijn twee meiden, ze zijn 11 en 9, zijn heel creatief. Dat hebben ze niet van mij hoor, maar van mijn vrouw. Zij heeft een eigen tassenlabel. Mijn dochters zijn altijd aan het knutselen en dingen aan het maken. Ik heb het natuurlijk wel eens over het kappersvak gehad met ze. De jongste zou de zaak graag overnemen voor een euro om er een supermarkt van te maken. Volgens haar is dat belangrijker. De oudste wil modeontwerpster worden. Of ik het erg vindt dat ze wellicht de zaak niet overnemen? Nee joh, het belangrijkste vind ik dat ze gelukkig zijn. En hoe het verder gaat met de zaak?” Lachend: ,,Dat moet mijn broertje dan maar oplossen.”